Welkom bij de Haan strafrechtadvocaten

De Haan strafrechtadvocaten is het grootste gespecialiseerde strafrechtkantoor van Groningen, gelegen aan de Turfsingel in het centrum van Groningen. Het  kantoor is opgericht in 1980 en kent sindsdien grote naamsbekendheid. De zes advocaten zijn volledig gespecialiseerd op het gebied van strafrecht.

Het kantoor kent een landelijke praktijk, dat betekent dat in het gehele land cliënten worden bijgestaan. Rechtsbijstand wordt verleend op alle gebieden binnen de strafrechtpraktijk. U kunt hierbij denken aan mishandeling, diefstal, drugs, rijden onder invloed, moord/doodslag en zedenzaken. Maar ook voor specialistische gebieden binnen het strafrecht, zoals het jeugdrecht en economische delicten, kunt u bij ons terecht.

Onze strafrechtspecialisten staan cliënten zowel op toegevoegde basis (pro deo) als betalend bij.

Iedereen heeft het recht op een goede verdediging. Wij bieden die, zowel voor als tijdens het strafproces. Ook voorafgaande aan een politieverhoor of indien u een uitnodiging heeft ontvangen van de politie of het openbaar ministerie kunnen onze advocaten u voorzien van een goed advies.

INLOOPSPREEKUUR STRAFRECHT

Iedere maandag van 16.00 – 17.00 uur gratis inloopspreekuur aan de Turfsingel 33 te Groningen, voor al uw vragen in strafzaken. Bent u uitgenodigd voor verhoor bij de politie of heeft u een dagvaarding of een strafbeschikking ontvangen? Onze strafrechtadvocaten kunnen u tijdens het inloopspreekuur informeren en adviseren.
 

Laatste nieuws

Zoek de verschillen

De gemiddelde burger valt het niet op, maar in de strafrechtpraktijk is het helaas maar al te bekend.

Verschillen met grote gevolgen. Iedereen weet waarschijnlijk wel dat er richtlijnen bestaan voor het rijden onder invloed. Een lijst met kort gezegd hoe meer gedronken hoe hoger de straf.

Meestal is die straf een combinatie van een geldboete met een ontzegging van de rijbevoegdheid (OBM). De rijontzegging kan onvoorwaardelijk zijn, dus rijbewijs een tijd kwijt, of voorwaardelijk, een waarschuwing, als het weer gebeurt rijbewijs een tijd kwijt. Het openbaar ministerie kan ook zelfstandig, dus zonder dat er een rechter aan te pas komt, boetes en rijontzeggingen opleggen. Bovendien mag het openbaar ministerie volgens de Wegenverkeerswet bij een ademalcoholgehalte van 570 of hoger (bloedalcoholgehalte 1,30 of hoger) het rijbewijs invorderen en inhouden voor maximaal 6 maanden, afhankelijk van de hoogte van het vastgestelde alcoholgebruik. Het openbaar ministerie kan alleen onvoorwaardelijke straffen opleggen, dus geen voorwaardelijke.

Het probleem is dat de rechtbanken en het openbaar ministerie verschillende richtlijnen hanteren. En dat heeft vervelende consequenties. Voor de uiteindelijke straf, die bij het openbaar ministerie vaak hoger uitvalt, maar ook en vooral voor het invorderen van het rijbewijs door de politie en het inhouden door het openbaar ministerie.

Het rijbewijs mag namelijk niet langer worden ingehouden dan de duur van de uiteindelijke rijontzegging. Als de richtlijn voorschrijft dat geen ontzegging wordt opgelegd mag het rijbewijs helemaal niet worden ingehouden.

En daar gaat het mis. Want bij sommige alcoholgehaltes schrijven de richtlijnen van het openbaar ministerie een (onvoorwaardelijke) rijontzegging voor, en die van de rechtbanken geen rijontzegging, of alleen een voorwaardelijke.
Voor bestuurders van auto’s en motoren met een ademalcoholgehalte van 571 tot 650 (bloedalcoholgehalte 1,31 tot 1,50) geldt bij het openbaar ministerie een onvoorwaardelijke rijontzegging van 4 maanden, en mag het rijbewijs dus voor 4 maanden worden ingehouden volgens de wet. Maar volgens de richtlijnen van de rechtbanken geldt dan een voorwaardelijke ontzegging, en zou het rijbewijs dus eigenlijk niet mogen worden ingehouden. Maar omdat nou eenmaal in de wet staat dat inhouden mag vanaf 571 of 1,31 doet het openbaar ministerie het toch.

Voor bestuurders van bromfietsen en gehandicaptenvoertuigen geldt dat in nog ergere mate. De rechtbanken leggen pas vanaf 871 of 2.01 een onvoorwaardelijke rijontzegging op. Het openbaar ministerie al vanaf 575 of 1,31.

Het loont dus de moeite om tegen de inhouding van het rijbewijs een klaagschrift in te dienen bij de rechtbank, waar de normen meestal soepeler zijn. Ook als het rijbewijs wel mocht worden ingehouden kan de rechter op grond van persoonlijke belangen die het bezit van het rijbewijs noodzakelijk maken beslissen dat het rijbewijs moet worden teruggegeven.

 
Schieten in het (bevoegde) jachtveld mag! Of toch niet?

Op maandag 2 oktober jl. stond mr. Schaap drie jagers bij die verdacht werden van het overtreden van artikel 51 Flora- en Faunawet (hierna Ffw). De jagers hadden in hun eigen jachtveld schoten gelost op overvliegende eenden. Een paar eenden vielen dood naar beneden, maar een enkeling fladderde aangeschoten het gebied naast het jachtveld in. Teneinde de eend uit zijn lijden te verlossen, besloten de jagers het gebied naast het jachtveld in te lopen om vervolgens een afschot te lossen.

De jagers werd tenlastegelegd dat zij - kort gezegd - met jachtgeweer een gebied in waren gelopen waartoe zij niet bevoegd waren. De jagers erkenden dat zij het gebied waren ingelopen met geweer, maar stelden zich op het standpunt dat zij juist hadden gehandeld, mede gelet op de verplichting die hen toekomt op grond van artikel 47 Ffw. In artikel 47 Ffw staat dat een jager een dier niet onnodig mag laten lijden.

Namens cliënten werd een beroep gedaan op een tweetal rechtvaardigingsgronden, te weten primair het ontbreken van de materiële wederrechtelijkheid en subsidiair overmacht-noodtoestand. Het dierenwelzijn diende volgens de verdediging te prevaleren boven het verbod van artikel 51 Ffw.

De officier van justitie stelde zich op het standpunt dat de jagers voorafgaande aan het schieten zorgvuldiger hadden moeten nagaan of zij op de positie in het jachtveld het risico zouden lopen dat eventueel aangeschoten wild terecht zou kunnen komen in een onbevoegd gebied.

De economische politierechter was het met de officier eens en legde de jagers een voorwaardelijke geldboete op van € 250,-. 

Een opmerkelijke uitspraak dat zeker gevolgen zal hebben voor de jacht! Jagers zullen voortaan eerst bijvoorbeeld de windrichting, windsnelheid en de grootte van het jachtgebied moeten checken alvorens zij schoten gaan lossen. Daarnaast zullen zij moeten inschatten of er een kans bestaat dat aangeschoten wild verdwijnt in een onbevoegd gebied. Na dit alles mag de jager proberen het wild te bemachtigen. Maar goed, er bestaat een grote kans dat de vogel dan inmiddels al is gevlogen!

 
Copyright 2011 - 2018 | dehaanstrafrecht.nl
Contact - Sitemap - Inloggen